Literatuur
Wat is literatuur? Daar bestaat tussen lezers, schrijvers, docenten,
professoren en recensenten discussie over. En ook in andere
taalgebieden bestaat er een andere definitie. Maar ik geloof niet dat
veiligheidsinstructies voor vliegtuigpassagiers in enige definitie
voorkomt.
30 augustus 2026,
Steven Verhelst
Hardlopen - 2
Ik ging nog maar een keer hardlopen tijdens mijn vakantie op Kos, want
met het oog op de marathon van Antwerpen half oktober, moet ik fit
blijven, ook in een all-inclusive hotel.
Ik liep een langs de rand van de autoweg waar ik eerder al
dode katten en egels had gezien. Hier en daar scharrelden loslopende
kippen, af en toe hoorde ik een haan kraaien, ik zag vijgenbomen,
olijfbomen, en een Grieks kerkje. Het was zo'n klein gebouwtje dat er
slechts weinigen binnen zouden kunnen gaan.
Plotseling herinnerde ik mij het liedje dat ik vroeger leerde op de bijbelschool.
Waar twee of drie vergaderd zijn in mijn naam, daar ben ik in hun midden. Gebaseerd op een tekst uit een van de evangeliën.
Ik liep snel verder, niet omdat ik van het kerkje weg
wilde - ik had als kind al met mijn geloof en de kerk gebroken - maar
omdat ik mijn training moest hervatten.
28 augustus 2026,
Steven Verhelst
Lebowski
Toen ik fan begon te worden van de film
The Big Lebowski
begon ik af en toe black russians te drinken. Black russians in plaats
van white russians (het favoriete drankje van de hoofdpersoon
The Dude),
omdat ik het toevoegen van room aan wodka en koffielikeur niet lekker
vind. Thuis stond er een fles Kahlua en een Absolut Wodka. Ik
bestelde zelfs regelmatig een black russian in mijn - ik zou
bijna zeggen stamkroeg - Gordon Biersch.
Op Kos verbleef ik in een all inclusive hotel. Aan elke bar kon je bestellen wat er maar op de kaart stond.
Op de kaart stonden soft drinks, bier, wijn, en een aantal
cocktails en longdrinks. Black russian stond er tot mijn verbazing ook
op.
Ik had al zeker vijftien jaar geen black russian meer
gedronken, maar daar zat ik dan, met een bakje borrelnootjes en een
glas black russian. Of het hetzelfde smaakte als vroeger, weet ik niet.
Maar ik dronk het glas uit, en begaf me daarna naar mijn hotelkamer,
want het entertainmentprogramma begon, en dat was niet best.
26 augustus 2026,
Steven Verhelst
Speedbootkerkhof
Op weg van Kos stad terug naar het hotel kwam de bus op de hoek van een
straat langs een braakliggend terrein waar tientallen kapotte
speedboten en andere kleine bootjes met buitenboordmotor lagen.
Ik ben wel vaker op begraafplaatsen en kerkhoven geweest -
in Wenen, waar onder andere Beethoven en Schubert liggen begraven, in
München, waar ik aan het graf van Justus von Liebig stond, in
Oslo, waar ik tijdens het hardlopen doorheen liep en niet aan een graf
stilgestaan heb - maar dit is het eerste speedbootkerkhof dat ik
tegenkom.
Ik was te langzaam met het tevoorschijn halen van mijn gsm
om een foto te maken, maar het beeld zit opgeslagen in mijn geheugen.
Of was het gewoon iemands achtertuin?
24 augustus 2026,
Steven Verhelst
Zeevissen
In een halfdaagse excursie was ik gaan zeevissen. De buschauffeur die
de deelnemers bij verschillende hotels ophaalde, had een vergissing
gemaakt en was iemand bij een hotel in Mastichari vergeten, en al
halverwege op weg naar Kefalos moesten we weer omkeren. Toen we
uiteindelijk bij de boot aankwamen, zaten er een flink aantal mensen op
de boot op hun horloge te kijken.
Op zee kregen we een soort spoel in ons handen gedrukt.
Daar zat een vislijn om gewikkeld met aan het uiteinde een loodje en
twee haakjes met elk een stukje aas.
Wie de eerste vis ving, kreeg een fles wijn.
Iedereen liet zijn vislijn zakken, en ik dacht terug aan de enige keer dat ik gevist had.
Het was met een voormalige buurjongen. Hij had twee
hengels meegenomen en we zaten op klapstoeltjes bij de vijver tegenover
ons huis. Mijn moeder kwam af en toe kijken en stroopwafels brengen,
zodat we geen honger hoefden te lijden.
Pas toen ik even thuis naar het toilet was geweest, zat er
een vis aan mijn haak. Een klein voorntje. Die had hij er natuurlijk
aangedaan, besefte ik later.
Op de boot waren we met ongeveer veertig mensen, en in totaal werden er 5 vissen gevangen.
Na afloop zouden we barbecuen. Gelukkig hadden ze niet op
de vangst gerekend en was er gewoon ingekocht. Stokbrood, Griekse
salade, souvlaki, vis, en moussaka pilaf. Honger lijden hoefden we niet.
23 augustus 2026,
Steven Verhelst
Baden-Württemberg
Op een glascontainer in Zia zag ik bovenstaande sticker.
Ja, ik was ooit in Baden-Württemberg, meer specifiek
in de stad Heidelberg. Een stuk of drie keer. Twee keer voor een
wetenschappelijlke bijeenkomst en een keer voor een sollicitatiegesprek
bij een bedrijf, dat korte tijd later door GSK werd overgenomen.
Wat ik nog weet van Baden-Württemberg is dat er na 10
uur 's avonds geen alcohol meer verkocht mag worden - behalve in
restaurants en kroegen. Ik weet dat nog, want op weg naar mijn hotel
probeerde ik een keer een biertje te kopen bij een benzinestation. De
jongen achter de toog keek me aan alsof ik al een misdaad begaan had.
Als een dief in de nacht liep ik terug naar mijn hotel, waar ik toen maar een glaasje kraanwater dronk.
22 augustus 2026,
Steven Verhelst
Ouzo
Ik was in Zia, een klein dorpje waar een mooi uitzichtspunt is over het
eiland Kos. Zia leeft van toerisme, en er zijn eigenlijk alleen
toeristenwinkeltjes en restaurantjes.
Ik at een mezze - een bord met allerlei hapjes, waaronder
dolma's, tzatziki, haloumi en souvlaki. De jolige ober swong van tafel
naar tafel en maakte grapjes waar mogelijk. Alles voor de fooi.
Hij was geen Griek, zei hij. Hij was gevlucht uit
Oekraïne en vervolgens na zijn school in de toeristensector gaan
werken.
Na afloop bestelde ik een ouzo. De ober zette mij een
reusachtig glas voor. Hoe meer ouzo, hoe meer fooi, dacht hij
waarschijnlijk.
Maar het werkte, want ik gaf een flinke fooi.
20 augustus 2026,
Steven Verhelst
Asklepieion en cicaden
Met een bus ging ik naar Asklepieion, een oud-Grieks sanatorium, waar
honderden jaren voor Christus al patiënten behandeld werden voor
hun ziekten.Ook Hippocrates van Kos zou hier zijn opleiding hebben
genoten.
Er stonden overblijfselen van tempels van Asklepios en
Apollo (zie boven). Het Asklepieion was omgeven door cipressen, waarin
cicaden hun gezang lieten horen. De mannetjes althans. Zij roepen naar
de vrouwtjes om hen aan te lokken. Het lijkt bijna op
papegaaiengekrijs; ik had het ook al gehoord rond mijn hotel.
Cicaden kruipen niet als larf uit het ei, maar als nimf,
die al de vorm heeft van het volwassen insekt. Die nimfen leven onder
de grond en komen als volwassen insect weer boven. Bij sommige soorten
duurt dit 13 of 17 jaar. Maar er zijn ook soorten waarbij dit veel
korter is.
Een cyclische levensloop, en eigenlijk ook een
cyclische liefdesloop, van twee insecten die door gezang samenkomen en
paren, waarna uit de eieren het nageslacht voortkomt, dat vervolgens
wacht tot zij klaar zijn voor de liefde.
Terwijl ik naar het gezang van de cicaden luisterde, dacht
ik na over de liefde. Liefde is gewoon chemie in het brein, zei de
scheikundige in mij. Maar natuurljk worden zulke liefdesmoleculen
alleen bij heel speciale personen afgegeven.
18 augustus 2026,
Steven Verhelst
Tosti-automaat
Vanaf Kos ging ik met een ferry een dag naar de Turkse stad Bodrum. Ik
zag het kasteel aan de haven en begaf me daarna naar het oude centrum
en dwaalde door de straatjes met ontelbare toeristenwinkeltjes.
Toen ik terugkwam bij de haven, zag ik iets wat ik nog nooit gezien heb: een verkoopautomaat voor tosti's.
Ik was niet naar Turkije gekomen om tosti's te eten, dacht
ik. Bovendien had ik me al volgestopt met gehaktballetjes en
Turkse salade, en baklava. Ik zou wel wachten tot ik weer in
België was om een tosti te eten. Daar heten ze trouwens croque,
als afkorting van croque-monsieur.
Even dacht ik ook aan de uitdrukking klamme tosti -
urban slang
voor een slapjanus, een lul de behanger, een slappe hap, of nog mooier:
een droeftoeter. Van dat soort woorden werd ik vrolijk, en zonder tosti
in mijn mik voer ik met een glimlach per ferry weer terug naar Kos.
16 augustus 2026,
Steven Verhelst
Zonsverduistering
Hoewel ik deze maand eigenlijk over mijn vakantie op Kos zou berichten,
vond er gisteren iets bijzonders plaats, waar ik niet tot september mee
wil wachten om erover te schrijven.
Ik bedoel natuurlijk de zonsverduistering op 12 augustus 2026 in West-Europa.
De dag ervoor had ik met mijn kinderen drie camera
obscura's geknutseld. Van kartonnen dozen, tekenpapier, aluminiumfolie,
plakband en duct-tape. En met hulp van een speld om een gaatje te
prikken.
Ik ging kijken op de Kesselberg, nabij Leuven, waar een uitkijkpunt naar het westen is.
Het bleek dat ik niet de enige was. Honderden mensen
bevonden zich op het dorre grasveld, de meesten met eclipsbrillen,
sommigen ook met camera obscura.
Op het laatste moment had ik ook nog een eclipsbril weten te bemachtigen via een collega.
Met mijn gsm wist ik nog redelijke foto's te maken, zowel
van de projectie in de camera obscura als door de eclipsbril.
Wanneer de volgende bijna totale zonsverduistering in
België is, weet ik niet, maar ik vrees dat het licht voor mij dan
al voorgoed is uitgegaan.
13 augustus 2026,
Steven Verhelst
Hardlopen
Geen ontspannen vakantie of mijn hardloopschoenen moeten wel mee.
Hoewel het 's nachts wel enigszins afkoelde op het Griekse
eiland Kos, was het om 7 uur 's ochtends meestal al boven de 25 graden.
Toch ging ik regelmatig in de vroege ochtend ruim een uur hardlopen.
De wegen waren niet vriendelijk voor hardlopers. Tussen de
witte streep van de wegmarkering en de berm was nauwelijks tien
centimeter asfalt. En soms was er nauwelijks een berm, maar direct een
hek of dichte begroeiing.
Aan de zijkant van de weg kwam ik doodgereden egels tegen, dode katten, dode ratten.
Nu was het de bedoeling dat ik niet werd doodgereden.
Gelukkig was er tussen 7 en 8 uur 's ochtends nauwelijks
verkeer. De meeste hotelmedewerkers moeten al voor 7 uur aanwezig zijn
om het ontbijt voor te bereiden of de paden tussen de zwembaden schoon
te vegen.
Vakantie is leuk, maar eigenlijk is toerisme iets
verschrikkelijks, dacht ik, terwijl ik mijn laatste slok water uit mijn
meegenomen fles nam. Aan de andere kant zouden er ontelbare mensen geen
baan hebben zonder toerisme. Zo kun je altijd wel een argument vinden
voor of tegen een bepaalde mening.
Ik was teruggekeerd bij mijn hotel en te vermoeid om er
verder nog over na te denken. Ik liep het restaurant binnen, waar
mensen al zaten te ontbijten, en haalde een glas water en een glas
ananassap. Daarna verwisselde ik mijn hardloopkleding voor een
zwembroek en sprong de zee in om af te koelen, alvorens te douchen en
mij zelf naar het ontbijt te begeven.
12 augustus 2026,
Steven Verhelst
Ozzy
Ik was in de dagen voor mijn vakantie naar Kos al zo druk
met pakken - je wilt niets vergeten mee te nemen - dat ik helemaal
vergat dat het op 22 juli precies een jaar geleden was dat Ozzy
Osbourne overleed.
Terwijl ik druk bezig was met het inpakken van t-shirts en
korte broeken, teenslippers, de juiste hoeveelheid onderbroeken en
sokken, enzovoorts, had ik eigenlijk naar mijn favoriete Black Sabbath
CD (Paranoid) en mijn favoriete Ozzy solo album (Diary of a Madman)
moeten luisteren.
Daarom doe ik het nu maar, terwijl ik lang en breed terug
ben - alle kleding gewassen, alle vakantiespullen opgeruimd, rustig op
de bank zittend achter de laptop die ik twee weken heb moeten missen,
terwijl de heavy metal uit de boxen van de stereo schalt.
10 augustus 2026,
Steven Verhelst
Podium
Ik was nog aan het nagenieten van mijn vakantie op het Griekse
eiland Kos - ik was pas een dag terug - toen ik mij herinnerde dat
vandaag de Bierloop in Holsbeek plaatsvond, een heuvelloop die een paar
keer over de Kesselberg gaat.
Op het laatste moment kon ik mij ter plekke nog inschrijven; ik koos voor de 7,2 km.
Het was warm, maar ik was Griekenland gewend, waar ik ook had hardgelopen.
Ik ging voortvarend van start, niet te langzaam, maar ook
niet te snel, maar met een snelle stapfrequentie, zowel bergop alsook
bergaf. Ik haalde er een paar in, hier en daar. De 14 km was tien
minuten eerder gestart, en ook de langzamere lopers daarvan passeerde
ik.
Een man in een groen shirt, die al een tijdje met mij
opliep, beweerde dat wij tweede en derde lagen, maar dat kon ik me niet
voorstellen. Ik wilde vooral een goede tijd lopen, en nam iets aan
snelheid terug, zodat ik op het einde nog wat over zou hebben.
Uiteindelijk eindigde de man in het groen ongeveer dertig meter voor mij.
Maar toen ik over de finish kwam, hoorde ik mijn naam en de aankondiging: derde plaats.
Derde plaats.
De laatste keer dat ik op het podium stond bij een stratenloop, was ik ongeveer veertien jaar.
Nu werd ik, nadat de laatste lopers over de finish waren,
voor het eerst in meer dan 30 jaar weer naar het podium geroepen.
8 augustus 2026,
Steven Verhelst