De eindafrekening - 3
Naast hardlopen heb ik nog andere hobbies. Poker en lezen.
Met poker ging het dit jaar redelijk goed. Mijn totale
bankroll
groeide ruim 2,5 keer, en ik begrijp het spel, het belang van positie,
en welke kaarten te selecteren voor re-raises, continuation bets en
double barrels. Maar genoeg specialistische lingo.
Dit jaar las ik 48 boeken uit. Dat zijn er 16 meer dan het jaar ervoor en 11 meer dan in 2023.
Jaren waarin ik veel lees, zijn goede jaren. Ik las 11
dichtbundels, 10 jeugdboeken, 2 verhalenbundels, 1 biografie, 1
toneelstuk en 23 romans, in zowel de Nederlandse, Engelse als ook in de
Duitse taal. Ik begon het jaar met de roman Ik Jan Cremer en sloot af
met een dichtbundel van Rutger Kopland.
Ik las ook een aantal klassiekers, waaronder Bint (van
Bordewijk), Slaughterhouse-Five (van Kurt Vonnegut), Things Fall Apart
(van Chinua Achebe), Ham on Rye (van Bukowski), The Hobbit (van
Tolkien), de Gysbrecht van Aemstel (van Joost van den Vondel) en One
flew over the cuckoo's nest (van Ken Kesey).
Komend jaar neem ik mij voor om minstens 1 dichtbundel per
maand te lezen, en een reeks romans. Welke dat worden? Misschien
iets van de onlangs overleden Yvonne Keuls, van Nobelprijswinnaar
Albert Camus, of een aantal Duitse romans.
30 december
2025,
Steven Verhelst
De eindafrekening - 2
Hoe zag mijn hardloopjaar eruit?
Ik haalde ruim drie minuten van mijn beste tijd op de halve
marathon af (1h36.32), liep minder dan een week later voor het eerst
onder de 20 minuten op de 5 km, en twee weken daarna voor het eerst
onder 42m30 op de 10 km. In het najaar haalde ik bijna 9 minuten van
mijn marathontijd af, en bleef mijn horloge op 3h43.58 staan.
Op alle afstanden verbeterde ik mij. Een succesvoller jaar heb ik nog niet achter de rug.
Het geeft moed voor komend jaar, waarin ik alweer sneller wil.
29 december
2025,
Steven Verhelst
De eindafrekening - 1
Vroeger, toen ik nog in Vlaardingen woonde, en de weersomstandigheden
waren gunstig, luisterde ik zondagochtend naar het radioprogramma De
Afrekening van Studio Brussel. Daar speelden ze de beste
alternatieve platen, en aan het einde van het jaar was er een
Eindafrekening. Wat was het beste van het jaar?
Wat is mijn eindafrekening van het jaar?
Met mijn laboratorium ging het goed; ik heb een flink
aantal nieuwe mensen aangesteld, een tiental wetenschappelijke
artikelen gepubliceerd, subsidie binnengehaald. Ook was ik spreker
op drie symposia (waarvan eentje online). Maar misschien het
belangrijkste: ik heb plezier gehad in het laboratorium met het
plannen en het uitvoeren van experimenten.
27 december
2025,
Steven Verhelst
Verlies en rouw
Onlangs zag ik een stuk uit een interview met zanger en artiest Nick
Cave. Hij verloor twee zoons. En dat is nog verschrikkelijker dan een
moeder verliezen.
Cave werd een nieuw persoon, vertelde hij. Een completer mens.
Hoe ouder je wordt, hoe meer je leven wordt bepaald door verlies en rouw.
Logisch eigenlijk, dacht ik.
Een ander persoon ben ik nog niet, laat staan een completer mens. Daar zal tijd voor nodig zijn. Veel tijd.
20 december
2025,
Steven Verhelst
Emaus
Mijn moeder ligt begraven op begraafplaats Emaus, niet ver
van molen Aeolus, een van de herkenbare gebouwen aan de skyline
van Vlaardingen.
De mensen zeggen Emaus. Ik dacht zelf dat het eigenlijk
Emaüs was. Waarschijnlijk kon de trema niet op het
straatnaambordje worden gezet, en is het sindsdien verbastert naar een
uitspraak met 'au'. Emaüs was de plaats waar - volgens de bijbel -
Jezus na wederopstanding twee van zijn discipelen ontmoette.
Ik geloof niet in wederopstanding. Niet van goden en niet
van mensen. Je hebt maar één leven, en daar moet je het
mee doen.
16 december
2025,
Steven Verhelst
Bethelkerk
De uitvaart van mijn moeder begon in de Bethelkerk in Vlaardingen.
Als kind moest ik er af en toe heen. Tijdens de doop van
mijn jongere broer. En ook op paasdiensten en kerstvieringen en een
aantal andere zondagen
Het was er donker met harde, houten banken.
Nu was het er licht, en stonden er stoelen in de voorste
rijden. De harde banken stonden alleen nog achterin. Waarschijnlijk
wegens de vergrijzing en leegloop van de kerk.
Nu zat ik op de voorste rij. En ik stond ook kort voor de kerkgangers om een in memoriam uit te spreken.
Ik dacht kort terug aan de doop van mijn broer. De dominee
stelde mij een vraag met de microfoon. En ik wist het antwoord niet.
Ik was negen jaar, en geloofde al een tijdje niet meer in god. "Hoe kan ik hier weg?" dacht ik.
Nu stond ik voor de familie, vrienden en kennissen. Weg
wilde ik niet. Ik wilde de toehoorders troosten, mooie herinneringen
oproepen.
Dat mensen samenkomen is goed. Als sommige mensen de kerk daarvoor nodig hebben,is dat voor mij OK.
12 december
2025,
Steven Verhelst
Aantekeningen over dementie
Mijn
opa van moeders kant was een zachtaardige man. Als kind heb ik talloze
zaterdagochtenden met hem doorgebracht. Dan speelden we
Mens-erger-je-niet, Ganzenborden, domino (domineren, noemde hij het),
schaken, dammen, kwartetten of andere kaartspelletjes.
Later in zijn leven leed aan de ziekte van Parkinson met
dementie. Toen kwam ik nog steeds op zaterdag langs, wanneer mijn oma
hielp achter de toonbank van de slagerij van haar familie. Sommige
mensen kwamen speciaal langs als mijn oma in de winkel was.
De rollen werden langzaam omgekeerd: ik lette meer op mijn opa dan hij op mij.
Dementeren is verschrikkelijk voor de patiënt zelf,
en ook voor de naaste familie, vooral mijn oma en mijn moeder.
In een klein schriftje van mijn moeder, dat ik na haar
overlijden vond, las ik verschillende aantekeningen die met
neurodegeneratie te maken hebben. Ze schreef bijvoorbeeld: "Bij de
ziekte van Alzheimer klonteren bepaalde eiwitten in de hersenen samen."
Dat had ik haar misschien door de telefoon verteld, of ze had het
ergens gelezen of op televisie gehoord.
Uiteindelijk werd mijn opa overgebracht naar een
verzorgingshuis, op een gesloten afdeling. Daar zat hij met mensen die
bijna helemaal niet meer wisten wie ze geweest waren. Sommigen liepen
de hele dag op en neer in de gang, elke keer aan de deur voelend of hij
nog op slot was. Anderen zaten in hun stoel en zegden kinderrijmpjes op.
Ooit zei mijn opa: "Ik ben niet zoals zij."
Want soms had hij heldere momenten.
Mijn moeder was tot de laatste dag geestelijk nog honderd
procent. Honderdtwintig procent misschien wel, want zij wist van bijna
iedereen die ze kende de verjaardag en die van hun kinderen uit het
hoofd.
Het schaakbord van mijn opa heb ik nog steeds, en als ik het gebruik, denk ilk altijd aan hem.
Toen ik onlangs bij de huisarts was, en met een boek uit
de wachtkamer kwam, vroeg de dokter: "Leest u dat boek in het Engels?"
Ik knikte.
Dat was heel goed, zei ze. Lezen in een vreemde taal,
blijkt, net als puzzelen, gecorreleerd met een lagere kans op dementie.
Ik zal komend jaar ook nog eens een paar Duitse boeken lezen, nam ik mij voor.
9 december
2025,
Steven Verhelst
Bestaan
Toen ik na het weekend van de begrafenis van mijn moeder terug in
Leuven kwam, zag ik op de trappen nabij het station van Leuven de
grafitti "J'existe". Die is van artiest Thierry Jaspart.
Door de grafitti, maar meer nog door de dood van mijn moeder, vroeg ik me af: wat is bestaan?
Ik geloof niet in Sinterklaas, maar toch bestaat hij, al is hij niet echt.
Kunt u het nog volgen?
Als je sterft, houd je voor jezelf op te bestaan. Maar
voor anderen? Na je dood, blijf je deels bestaan - op foto's, video's,
en in gedachten en herinneringen van anderen.
Mijn opa Steven Klein is al tientallen jaren geleden
gestorven. Toch bestaat hij nog in mijn herinneringen. Hij was een goed
spreker. En elke keer als ik zelf in het publiek moet spreken, denk ik
even aan hem, en probeer net zo'n goede spreker te zijn als hij.
Bij de begrafenis van mijn moeder sprak ik de
aanwezigen in de kerk toe. De gedachte aan mijn opa gaf mij net de
kracht om dit zonder te veel door emoties veroorzaakte haperingen
te doen. Ik wist zelfs een korte lach bij de toehoorders teweeg te
brengen. Want tijdens rouw mag je ook met een glimlach terugdenken aan herinneringen.
6 december
2025,
Steven Verhelst
Straatpoëzie
Uit chaos van lakens en
voorgevoel opgestaan, gordijnen
open, de radio aan, was
plotseling Scarlatti
heel helder te verstaan:
Nu alles is zoals het is geworden,
nu alles is zoals het is
komt het, hoewel, misschien
hoewel, tenslotte nog in orde.
Judith Herzberg
Het was de vroege ochtend van 23 november. Het schemerde nog een
beetje, en ik liep van Rotterdam Centraal naar het Erasmus Medisch
Centrum, waar mijn moeder net overleden was. Ik was niet meer op tijd
bij het ziekenhuis geraakt en had een afspraak bij het mortuarium
om haar, een paar uur na haar dood, te zien en een eerste afscheid te
nemen.
Vlak bij het museumpark, op de Wytemaweg, niet ver van de
ingang van het Erasmus MC, zag ik de laatste regel van bovenstaand
gedicht op een gebouw geprojecteerd. Het leek alsof ik mijn situatie
daar, in lichtende letters, verwoord zag.
Nu alles is zoals het is geworden - mijn moeder is onverwacht, na een val met de fiets, overleden.
...
komt het misschien nog in orde
- ik weet zeker dat ik zal kunnen omgaan met het verlies, en mijn
familie ook. Het enige wat ik niet weet, is of het in orde komt. Want
ik weet niet wat 'in orde' zou moeten zijn.
5 december
2025,
Steven Verhelst
Gerrie Knetemann
Een van mijn vroegste herinneringen is die van een vakantie in
Nederland. Waarschijnlijk heb ik deze anekdote hier al eens
neergeschreven. Ik was nog een kleuter. Ons gezin maakte fietstochten
op De Veluwe, en we hadden elkaar vernoemd naar wielrenners uit de Tour
de France. Mijn zus was Bernard Hinault, mijn vader Henk Lubberding,
mijn moeder Gerrie Knetemann en ik was Joop Zoetemelk.
Ik zat bij mijn moeder achterop de fiets.
Geen wonder dat Joop Zoetemelk in die tijd altijd als tweede over de finishlijn kwam.
In 1983 kwam Gerrie Knetemann in de wedstrijd Dwars door
België zwaar ten val. Er werd gevreesd voor zijn leven, maar hij
revalideerde, en twee jaar later won hij de Amstel Goldrace. U kent de
beroemde beelden misschien. De Kneet, overladen van emotie, met tranen
in zijn ogen aan de finish
bij de microfoon van Mart Smeets.
Mijn moeder, mijn Gerrie Knetemann van vroeger, kwam op
zaterdag 22 november in de vroege avond ook ten val met de fiets.
Een week eerder hadden zij en mijn vader mij nog bezocht
in Leuven. Toen ik haar kwiek zag lopen over de opgebroken voortuin bij
ons huis, dacht ik: die mens wordt zeker nog honderd jaar.
Maar de val met de fiets werd haar fataal. Ze overleed in
de vroegte van zondagochtend op de intensieve zorg van het Erasmus
medisch centrum in Rotterdam.
2 december
2025,
Steven Verhelst
Mijn moeder
Mijn moeder werd op 6 juli 1944 geboren, als Cornelia Wilhelmina -
roepnaam: Corrie - kind van Hendrina Maria van Heijst en Steven
Arie Klein (eigenlijk Kleyn, maar bij hun trouwen had de ambtenaar een
schrijffout gemaakt, maar dat is een ander verhaal). Het was oorlog;
D-day had net plaatsgevonden. Engelse, Amerikaanse en Canadese troepen
waren in Normandië geland.
De Tweede Wereldoorlog zou nu snel voorbij zijn -
dacht men althans. Delen van Nederland waren al in het najaar bevrijd,
maar ten noorden van de rivieren was Nederland nog bezet. De
hongerwinter volgde.
Veel later, toen de oorlog al tientallen jaren
afgelopen was, zat ik als kleine jongen vaak bij mijn grootouders in de
achtertuin. Mijn opa vertelde hoe hij in de oorlog af en toe naar een
boer in de buurt ging om flessen melk te halen. Die verborg hij in zijn
broekpijpen, zei hij, vastgebonden aan een touw dat over zijn nek liep.
Ze moeten enorm wijd geweest zijn, die broeken.
Hij probeerde de soldaten van de bezetter te misleiden, maar soms
kwamen ze achter hem aan, en sloegen ze tegen zijn benen, zodat hij met
broekspijpen doorweekt van de melk weer thuiskwam.
Op 5 mei 1945 werd Nederland definitief bevrijd,
en het leven van mijn moeder kon nu echt beginnen.
Haar leven duurde tot 23 november 2025. Ze werd 81
jaar.
1 december
2025,
Steven Verhelst