banner
Hitte

heat

Van April 2004 tot juni 2008 woonde ik in Palo Alto, California. Ik was gewend aan de hitte, al werd het in sommige weken wat te veel. Een van de oorzaken was misschien dat ik op de bovenste verdieping van een appartementencomplex woonde dat nauwelijks geisoleerd was.
   In mei 2008 kwam ik thuis en de wijzer van de thermostaat was verdwenen: het was 37 graden in mijn huis, en ik had geen airconditioning, alleen een ventilator aan het plafond.
   Eind juni en begin juli ging er nog een hittegolf door de Verenigde Staten en Canada. Op verschillende plaatsen steeg de temperatuur tot ver boven de veertig graden.
   Nu is Zuid-oost Europa aan de beurt. Italië, Griekenland, Turkije waar het kwik overdag oploopt tot 45 graden en 's nachts het niet afkoelt tot onder de 30 graden. Griekenland heeft al ruimtes met air conditioning ter beschikking gesteld voor burgers om af te koelen.
   In België is de zomer niet zo heet als de afgelopen twee zomers. Twee jaar geleden zat ik samen met mijn kindjes grotendeels binnen - met gesloten deuren en ramen om de hitte buiten te laten. Toen was de zomer droog en heet. Nu is de zomer nat en naar mijn smaak iets te koel.
   Hoe extreem zal het weer in de toekomst worden, in Amerika, op het vaste land van Europa? En zal ik ooit verhuizen naar IJsland of de Faer Oer Eilanden?

2 augustus 2021, Steven Verhelst
Plezier in sport

Van de Olympische Spelen heb ik nog niet heel veel gezien, mede door het tijdsverschil met Japan. Ik volgde vooral het wielrennen: de smak die Mathieu van der Poel maakte tijdens het mountainbiken, de zilveren medaille van Tom Dumoulin bij de individuele tijdrit, en de gouden medaille van Annemiek van Vleuten op datzelfde onderdeel bij de vrouwen.
   Dumoulin, die vorig jaar nog voor onbepaalde tijd gestopt was met wielrennen, gaf aan het plezier in de sport weer te hebben teruggevonden. Van Vleuten had nog altijd plezier, zei ze - en dat was nooit weggegaan. Ze won een aantal dagen na de gouden medaille de klassieker San Sebastian in Spanje.
   Ik heb ook plezier in sport - voornamelijk hardlopen. Maar plezier in trainen heb ik niet altijd.
   Hebben professionele sporters altijd plezier?
   Welnee, natuurlijk niet.
   Het meest werd ik me hiervan bewust door een passage uit het boek van Haruki Murakami "What I talk about when I talk about running". Murakami - zelf een fervent marathonloper - vroeg een professionele loper eens of hij plezier had in het trainen. Murakami had vrijwel meteen spijt van de vraag, want de loper was verontwaardigd en zei: natuurlijk niet.
   Daar zal ik aan denken als ik af en toe - 's ochtends vroeg - ga trainen voor de halve marathon die ik half september wil gaan lopen.   

1 augustus 2021, Steven Verhelst

Steven leest:
Willem Frederik Hermans - Au pair

Steven luistert:
Ozzy Osbourne - The blizzard of Ozz

Steven kijkt:
Better call Saul - Season 5, episode 9

Nieuws


Een nieuwe column. Over een fietstocht met Marcel Maassen langs vier bierbrouwerijen rond Leuven

Een column. Over een lezing van schrijver Chuck Palahniuk

Archief




www.stevenverhelst.nl


Want zelfs de raarste wereld dient beschreven te worden